Kritiek op rationele beleidsontwikkeling

Laatst bijgewerkt op 551 dagen geleden door Hadewych

In Rational tools of government in a world of bounded rationality (2014) voeren Lodge en Wegrich een groot aantal argumenten aan om te betogen dat nudges hun beloften niet waar maken. In feite zijn het argumenten tegen evidence based beleid in het algemeen, voornamelijk gebaseerd op de achtergronden van irrationele besluitvorming binnen de overheid. Wildavsky wees daar al op in 1966.

De auteurs roepen daarom op tot bescheidenheid en minder pretenties als het gaat om beleid, risico-analyse en handhaving. Er wordt wel geclaimd dat overheden rationeler zijn dan individuele burgers, doordat ze beschikken over betere middelen: meer financiële middelen om aan onderzoek en ontwikkeling te besteden, meer kennis en toegang tot kennis, organisatie en gezag. Bovendien kent de overheid (zowel rechtsstatelijk, politiek als bureaucratisch) allerlei procedurele en andere waarborgen om beslissingen te optimaliseren.

Ze noemen verschillende redenen en oorzaken van irrationele overheidsbeslissingen en beperkingen van beleid/handhaving gebaseerd op nudges:

  • Kortetermijn voordelen winnen het van langetermijn opbrengsten, ook in de politiek en bij de overheid;
  • Als gevolg van wantrouwen en informatiegebrek kan irrationeel gedrag heel rationeel lijken of zelfs andersom: ogenschijnlijk irrationeel gedrag kan in een onzekere context heel rationeel zijn;
  • De aandacht voor een kwestie is beperkt en vergankelijk, voorkeuren zijn vaag, vaak zijn er oplossingen op zoek naar een probleem (Cohen e.a. 1972);
  • Beleidserfeniseffect: bestaand beleid is de default (Rose 1990)
  • Binnen de overheidscultuur heersen vastomlijnde ideeën over wat hoort en wat niet hoort (March, Olsen 1983);
  • Leren door organisaties is biased richting bevestiging van de bestaande manier van werken (March e.a. 1991);
  • Achterlopen in de tijd, echte onzekerheid, kosten van het vergaren van informatie zijn onvermijdelijk en ondermijnen rationeel overheidsbeleid (Hood 1976);
  • Onbedoelde effecten / neveneffecten komen voort uit hoge transactiekosten, beperkte kennis, fouten in aannames en vooronderstellingen, belangen;
  • Er zijn padafhankelijkheden, bestaande doelgroepen en constituencies, territoriumstrijd tussen organisaties, confirmation bias waardoor beleid anders uitpakt dan bedoeld;
  • Het denkkader van technocratisch beleid, risico-analyse, maakbaarheid en rationaliteit verhoudt zich slecht met politiek, meningsverschillen en belangenconflicten;
  • Trials, hoe methodologisch verantwoord dan ook, bergen impliciete normen en waarden in zich, methodologische keuzes en politieke prioriteiten.

Besluitvorming door de overheid wordt gekenmerkt door inertie en risicoregelreflexen tegelijk. Dat probeert met te bestrijden door de inzet van nudge units of andere beleidsadviesteams (zoals BITs), of door procedurele methodieken die integrale afweging en toepassing van relevante kennis afdwingen (zoals bijvoorbeeld het IAK). Volgens de auteurs zal dat weinig helpen, onder meer doordat er binnen de overheid geen coördinatie is van verschillende organisatorische rationales. Verschillende onderdelen van de overheid hebben elk hun eigen visie, prioriteiten en beperkte middelen. Compromissen tussen overheidsonderdelen hebben vaker betrekking op de verdeling van budget en capaciteit, of taken en bevoegdheden, of 'schuldmanagement' (wie wordt waarvoor verantwoordelijk gesteld?) dan op de kwaliteit van beleid.

Lindblom (1959) stelde vast dat besluitvorming in een multi-actor context veelal makkelijker is door incrementele stappen te zetten op basis van overeenstemming over middelen, zonder consensus over doelen te eisen. Daarnaast stelde Baldwin (2010) dat in een complexe omgeving hybride en suboptimale oplossingen beter werken dan perfecte oplossingen. Ook in de handhavingsliteratuur wordt aanbevolen om zachte (nudging, overreding) en harde instrumenten (regulering, dwang) te mixen, al was het maar omdat zachte instrumenten vaak werken dankzij het bestaan van de harde instrumenten.

Dat alles is contrair aan een ontwerpbenadering, waarin een compleet beleidsvraagstuk in z'n totaliteit wordt doordacht en 'opgelost'.

 

Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers