Programma Innovatie Toezicht

Laatst bijgewerkt op 95 dagen geleden door Hadewych

Ambitie en bijdrage van het programma  

De kracht van de samenwerking tussen de rijksinspecties gebruiken om de veranderingen binnen de individuele inspecties te versterken en te ondersteunen. Dat is het doel en de ambitie van het programma Innovatie Toezicht.
Er moet een vitaal netwerk van toezichtorganisaties ontstaan dat door het stimuleren van innovatie de maatschappelijke meerwaarde van toezicht vergroot: ‘An ecosystem for public innovation’.

De echte innovatie – de vernieuwing van het toezicht én van de organisatie - zal in de individuele toezichtorganisaties vorm krijgen. Dat vraagt om andere werkwijzen, andere vormen van toezicht, andere professionals, andere vormen van aansturing, ruimte voor experiment en co-creatie, om denken en durven doen buiten de bestaande kaders. Aan de andere kant blijft de winkel tijdens de verbouwing open: vernieuwing en beheersing zullen binnen de inspecties tot een nieuw evenwicht worden gebracht.  

Het gezamenlijke programma moet dienstbaar zijn en bijdragen aan die innovatieslag van de inspecties. De vormen van samenwerking in het programma dienen aan te sluiten bij de vormen en manieren van werken die de inspecties in het innovatieproces hanteren. Belangrijke randvoorwaarden zijn:

  • Geef creativiteit de ruimte en ga aan de slag met onconventionele vormen van ontwikkeling zoals een ‘lab-aanpak’, designthinking en co-creatie;
  • Durf te experimenteren, de weg van ‘trial and error’ te gaan;
  • Denk in horizontale netwerken die met de verschillende vormen van samenwerking aan de slag gaan.;
  • Formatteer niet te veel vooraf, laat het netwerk met de vormen die het gepast acht voor het onderwerp aan de slag gaan.


Centraal in die vormen van samenwerking staan uitwisseling, leren van elkaar en waar dat kan en nuttig is: samen ontwikkelen.

Proces

Vanuit Bureau Inspectieraad is een programmateam gevormd. Het programmateam is verantwoordelijk voor de opzet van het totale programma en voor het uitwerken en de procesbewaking van de diverse programmalijnen. De inhoudelijke doorontwikkeling van de programmaonderdelen en activiteiten daarin komt tot stand door samenwerking in (bestaande of nog te vormen) netwerken.

Inhoudelijke programmalijnen

1.      Maatschappelijke dialoog over toezicht

De opkomst van nieuwe technologieën, andere maatschappelijke scheidslijnen en schuivende verwachtingen en normatieve opvattingen over toezicht, vragen om een nieuwe doordenking van doel, rol en inzet van toezicht. Om duidelijkheid te scheppen over die nieuwe rol en ook draagvlak te creëren, starten we (of eigenlijk continueren we) een dialoog met onze maatschappelijke en bestuurlijke omgeving. De maatschappelijke dialoog moet gaan over twee onderwerpen:

  1. De rol en functie van toezicht en de verwachtingen die onze maatschappelijke omgeving (burgers, politiek, beleid, stakeholders, werkvelden) van toezicht heeft. Aan de ene kant is de verwachting dat we prioriteren op basis van (objectieve) beoordeling van maatschappelijke risico’s, anderzijds op basis van meer (subjectieve) maatschappelijke verwachtingen. Hoe gaan we als inspecties om met die – soms tegengestelde - verwachtingen.
  2. De verhouding private borging en publiek toezicht. Wanneer zijn private partijen, burgers, bedrijven aan zet om publieke belangen te borgen en wanneer komt de publieke toezichthouder in beeld. Daarbij spelen zaken als vertrouwen, eerlijkheid, kwaliteit en veiligheid een centrale rol.

Bij het eerste onderwerp willen we de dialoog op twee niveaus voeren:

  1. Op een meer algemeen niveau voeren we het gesprek over rol, positie en verwachtingen met bijvoorbeeld de Haagse beleidswereld, met andere toezichthouders, wetenschappers en stakeholders. We brengen daarvoor ook de wetenschappelijke inzichten in kaart en zetten relevant onderzoek uit. Via publicaties stimuleren we het maatschappelijk debat;
  2. Om de verbinding met de concrete praktijk van toezichthouders te blijven maken organiseren we ook dialoogtafels over over concrete maatschappelijke thema’s zoals voedselveiligheid, energie, patiëntveiligheid of kwaliteit van basisonderwijs. Het gaat dan om creatieve, meer experimentele settings waarin we verkennen hoe de algemene thema’s uitwerken op concreet niveau. De opbrengsten van deze dialoogtafels brengen we dan weer i gesprek op abstract niveau. Bij deze dialoogtafels zijn de betrokken toezichthouders aan zet.

Uiteindelijk is het doel om de abstracte en concrete inzichten samen te brengen in een gedeeld beeld over de staat en de toekomst van toezicht.

zigzag.png

Concrete acties die zich nu aandienen:

  • Na de zomer brengen we een aantal ‘strategen’ uit de inspecties bij elkaar om het idee van concrete, creatieve settings uit te werken (en/of te amenderen). Vandaaruit kunnen meer inhoudelijke collega’s van de inspectie worden betrokken om concrete sessies voor te bereiden;
  • In samenwerking met NWO en in gesprek met de markttoezichthouders werken we de Wetenschapsagenda Toezicht komend najaar verder uit;
  • We geven dit najaar een bundel over toezicht uit onder het motto ‘Toezicht vijf jaar na het WRR-rapport’;
  • Rond oktober/november (na één of meer concrete, creatieve sessies) organiseren we een beleid-toezichttop, waarin we thema’s uit de dialoog agenderen

 

Bij het tweede onderwerp – de verhouding publiek-privaat – willen we vooral andere vormen van private borging en van samenwerking tussen publiek enprivaat verkennen, dan de meer traditionele vormen als certificering en accreditatie. Hoe gaan we in het publieke toezicht om met private vormen als burgerinitiatief, governance of technologische vernieuwing die publiek toezicht mogelijk kunnen vervangen? Hoe kan een goede balans tussen private borging en publiek toezicht worden gevonden?? Hiervoor willen we experimenteren met een innovatielab aanpak, waarbij mensen vanuit verschillende achtergronden (toezicht, NGO, certificeringsbranch en wetenschap) bij elkaar brengen om in een experimentele setting nieuwe wegen te ontdekken.

Acties die zich aandienen:

  • Universitair docent Martin de Bree levert op verzoek van Bureau Inspectieraad nog voor de zomer een discussienotitie op over verschillende vormen van private borging en voorwaarden waaronder die voor publiek toezicht van belang kunnen zijn;
  • In september willen we een aantal experts van inspecties, de wetenschap en andere toezichthouders/overheden bij elkaar brengen om nieuwe vormen van private borging verder te verkennen voor toezicht.

2.      Focus op innovatie

Ontwikkelingen als digitalisering, robotisering en de netwerksamenleving hebben gevolgen voor rol en positie van de inspecties, maar stellen ze ook voor de opgave om hun toezicht zelf ingrijpend op de schop te nemen. Innovatie van toezicht, wat is daarvoor nodig? Daar draait het om in deze programmalijn. Het gaat dan om twee deellijnen:

  • Het gebruik van data en nieuwe technologieën in het toezicht;
  • Nieuwe vormen van samenwerking die met technologische en sociale vernieuwing samenhangen.

a.       Data en Technologie

Elke inspectie heeft een eigen inzet en ontwikkelpad als het gaat om data, technologie en digitalisering, maar er is ook sprake van een overlappende belangen en inspanningen. Dat vraagt om afstemming, uitwisseling en samenwerking. Het in 2017 gestarte IR-programma Datagedreven is daarop gericht.

Wat willen we bereiken?

De ambitie is dat de manier waarop inspecties werken met data zodanig overeenkomt, dat onderlinge uitwisseling van kennis en data en samenwerking maximaal mogelijk is.

Het gaat in deze fase van het programma nog om ‘samenwerking aan ontwikkeling’. Het is nog te vroeg voor besluiten over structurele samenwerking. Al moet deze programmalijn uiteindelijk wel inzicht bieden op welk niveau eventueel structurele samenwerking haalbaar en wenselijk is en voor welke inspecties.

Hoe is het georganiseerd?

Een groep vertegenwoordigers van inspecties – de zgn “Gideonsbende datagedreven toezicht”– heeft doelen en activiteiten geformuleerd voor deze programmalijn in een A3 jaarplan, gegroepeerd naar hoofdthema’s: 1. personeel (m.n. opleiding en werving); 2. casuïstiek (samenwerking aan concrete analyses en informatieproducten); 3. juridische en ethische kaders (gericht op een gedeelde en breed gedragen interpretatie van die kaders),; 4. Inspecties-DataSciencePlatform (gericht op het verkrijgen van een technische omgeving voor elke inspectie waarin datascientists kunnen werken; indien mogelijk één zelfde technische omgeving voor de inspecties) en 5. organisatorische inbedding (de verbinding met de business).

Welke activiteiten dienen zich nu al aan in deze programmalijn?

In het jaarplan worden concrete acties benoemd, geëvalueerd en aangepast om de doelen te realiseren. Dit is een ‘levend document’ dat regelmatig wordt herzien en bijgewerkt, afhankelijk van de vraag of geplande activiteiten de verwachte meerwaarde opleveren.

Activiteiten die recent gestart zijn:

  • Gezamenlijke werving en selectie;
  • Organisatie van een opleiding datascience professional;
  • Ontwikkeling van een juridisch kader;
  • Het opstellen van gezamenlijke requirements voor een datascience platform etc.;
  • Gatherings datagedreven toezicht (eerstvolgende 3 juli)
  • Op een concrete casus,namelijk CE-markering, een bijeenkomst organiseren waarbij datascientists inhoudelijke mensen uit de doe-coalitie Ce-markering ontmoeten en samen mogelijkheden voor gebruik van data in het toezicht verkennen.

b.      Nieuwe vormen van interactie en samenwerking

De technologische en sociaal-culturele veranderingen (digitalisering, robotisering, netwerksamenleving) leiden ook tot heel andere aanpakken, werkwijzen en methodieken van toezicht. Toepassing van blockchain bijvoorbeeld, vergt een intensieve samenwerking en afstemming in de betrokken keten. In de kern gaat het om het inpassen van vormen van interactie en samenwerking (co-creatie) met onze (netwerk)omgeving bij het ontwerpen van toezichtarrangementen.

Met dit deelprogramma willen we de inspecties faciliteren om deze vernieuwingsslag te maken. Het gaat vooral om uitwisselen, leren van elkaar en verbinden. Waar mogelijk zullen inspecties op domeinen ook samen experimenteren en ontwikkelen.
Binnen deze programmalijn willen we mensen bij elkaar brengen om deze nieuwe vormen van samenwerking (co-creatie, designthinking) uit te proberen en voor het toezicht verder te ontwikkelen; collega’s van de inspecties en wellicht ook van andere toezichthouders, maar ook wetenschappers en experts op dit terrein. We kunnen hierbij aansluiten bij bestaande initiatieven van inspecties en netwerken die al zijn ontstaan, zoals: een netwerk rond gedragsinterventies, samenwerking tussen Inspectie SZW, NVWA en ILT op methodiekontwikkeling, initiatieven van interactie met burgers en reflexief toezicht bij IGJ i.o. en TSD, de doe-coalitie CE Markering die de eindgebruiker bij het toezicht wil betrekken en het netwerk rond kwaliteitszorg en klanttevredenheid.

Welk concrete activiteiten dienen zich al aan?

  • Sessie ‘Betrekken van de eindgebruiker in het toezicht’ (idee doe-coalitie CE-markering, ook gericht op meldingen, panels als Zorgkaart NL, communicatie naar eindgebruiker etc.)
  • White paper dit najaar van Common Eye i.s.m. deelnemers LST over randvoorwaarden voor co-creatie in toezicht;
  • De deelnemers van de tweede versie van het Leertraject Strategisch Toezicht, die start in 2018, zullen hierbij betrokken worden;

3.      Professionaliseringsagenda

Innovatie van het toezicht stelt de inspecties ook voor grote uitdagingen op het vlak van de professionalisering van mensen en organisaties. Welke professionale achtergronden zijn nodig voor het toezicht van de toekomst? Hoe gaan we om met de vergrijzing binnen de inspecties en met de werving van nieuwe medewerkers? Hoe rusten we mensen toe voor het uitoefenen van toezicht als tweede vak? Wat kunnen we zeggen over de kenmerken van een toezichtsorganisatie? Waar moet deze aan voldoen? Is er een typologie te maken van een toezichtsorganisatie?

In deze programmalijn verkennen we samen met de inspecties en de andere toezichtsorganisaties deze vragen. We doen dit door het primair proces in gesprek te brengen met professsionals vanuit de vakgebieden van ‘leren en ontwikkelen’, HRM en organisatieontwikkeling. De uitkomst van deze programmalijn is een professionaliseringagenda voor toezicht die voor het grootste deel uitgevoerd zal worden door de inspeccties zelf en voor een klein deel door de Academie voor Toezicht. Daarnaast zal deze programmalijn een aanpak en structuur opleveren om het gesprek over professionalisering van het toezicht permanent te voeren.  

Welke concrete acties staan al op stapel?

  • Op donderdag 5 juli a.s. zal de volgende bijeenkomst over de professionaliseringsagenda plaatsvinden in Den Haag. Prof. Manon Ruijters zal daar een model presenteren voor het maken van strategische keuzes en interventies op het gebied van leren en ontwikkelen. Met de groep wordt vervolgens gewerkt aan mogelijke en gezamenlijke projecten voor de professionaliseringsagenda.
  • Na de zomer wordt een aparte bijeenkomst georganiseerd over organisatieontwikkeling;
  • Ontwikkelen van een onderzoek door Manja Bomhoff onder inspecteurs en medewerkers van inspecties en toezichtsorganisaties.  Met nu als werktitel ‘De stille kracht van het inspectiewerk’, gericht op het zichtbaar maken van de effecten van het dagelijkse inspectiewerk .
  • Tijdens de zomer zal worden gestart met het in kaart brengen van de organisatiegeschiedenis van de inspecties. Dit kan een krachtig communicatiemiddel zijn en moet leiden tot (interne) reflectie en kennis over de complexiteit van verandertrajecten en de typologie van de toezichtorganisatie;

 

Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers